Wanneer een kind ziek wordt en de opvang moet worden afgemeld, of wanneer een gastouder zelf ziek is, ontstaan er vaak vragen over de financiële verplichtingen. Wie betaalt de gereserveerde uren? Is de ouder het volledige bedrag verschuldigd, of vervalt deze verplichting bij ziekte? De regelgeving en praktijk rondom ziekte in de gastouderopvang zijn complex en hangen af van de specifieke afspraken in het contract en de aard van de ziekte. Dit artikel analyseert de beleidsregels, juridische kaders en praktische ervaringen met betrekking tot betalingen bij ziekte van het kind, ziekte van de gastouder en besmettelijke aandoeningen.
De informatie in dit artikel is gebaseerd op beleidsdocumenten van gastouderbureaus, juridische interpretaties en discussies uit online communities voor ouders. De centrale thema's hierbij zijn de contractuele vrijwaring, het verschil tussen werkelijk afgenomen en beschikbare uren, en de gevolgen van onvoorziene omstandigheden zoals ziekte.
Ziekte van het kind: De verplichting tot doorbetaling
Een veelvoorkomende situatie is het ziek worden van het kind, waardoor de opvang onverwachts niet kan doorgaan. Volgens de beleidsregels van gastouderbureaus geldt in de meeste gevallen dat de ouder de gereserveerde opvanguren moet doorbetalen. De reden hiervoor is gelegen in de positie van de gastouder. Gastouders zijn geen werknemers in loondienst, maar fungeren als zelfstandige ondernemers. Hun inkomen is afhankelijk van de uren die zij reserveren voor specifieke kinderen.
Wanneer een kind ziek is, kan de gastouder deze vrijgekomen tijd niet zomaar opvullen met een ander kind. De kindplaats is gereserveerd en de gastouder heeft deze capaciteit beschikbaar gehouden. Omdat de gastouder niet in loondienst is, vormen de afgenomen én gereserveerde uren haar inkomen. Om deze reden hanteert Gastouderbureau NL het standpunt dat bij ziekte van het op te vangen kind de overeengekomen vergoeding 100% verschuldigd blijft. Dit principe wordt in de praktijk breed gedragen om de financiële stabiliteit voor de gastouder te waarborgen.
Een uitzondering op deze regel doet zich voor bij contracten die zijn opgesteld op basis van de werkelijk afgenomen uren. Binnen een dergelijk contract betalen ouders uitsluitend voor de daadwerkelijk afgenomen opvanguren. Als de ouder geen opvang afneemt, bijvoorbeeld omdat het kind ziek is, hoeft er in beginsel niet betaald te worden. Echter, de beschikbare standaardcontracten betreffen vaak het type contract op basis van beschikbare dagen en uren. In dat geval wordt de beschikbaarheid in rekening gebracht, ongeacht of het kind daadwerkelijk komt.
Ziekte tijdens de opvang
Een specifieke variant is het ziek worden van het kind tijdens de opvanguren. In de huisregels van gastouders is vaak vastgelegd dat bij koorts (vanaf 38 graden) het kind direct moet worden opgehaald. Het basisprincipe is dat zieke kinderen het beste af zijn thuis, weg van de drukte van spelende kinderen. De gastouder neemt in deze gevallen contact op met de ouders om te overleggen. Hoewel het kind wordt opgehaald, blijft de betalingsverplichting voor de reeds gereserveerde en afgenomen uren vaak bestaan, tenzij anders is afgesproken. De gastouder heeft in deze situatie de laatste beslissing over het verblijf van het kind, afhankelijk van de groepsbezetting en de mate van fitheid van het kind.
Ziekte van de gastouder: Afwijkende regelingen
De financiële consequenties bij ziekte van de gastouder verschillen fundamenteel van die bij ziekte van het kind. In de wetgeving rondom gastouderopvang is de gastouder geen werknemer, waardoor de vraagouder (de ouder) in principe geen loon doorbetaalt bij ziekte van de oppas. De uren die niet worden opgevangen omdat de gastouder ziek is, worden niet doorberekend aan de ouders.
De praktijk leert echter dat het ziekteverzuim bij gastouders erg laag is. Omdat gastouders geen recht hebben op doorbetaling bij ziekte, hebben zij een sterke financiële prikkel om zo lang mogelijk opvang te blijven bieden. Zelfs bij lichte ziekte wordt vaak geprobeerd de opvang voort te zetten.
Noodopvang en contractuele afwijkingen
Hoewel de gastouder bij ziekte niet wordt doorbetaald, kunnen ouders wel worden geconfronteerd met de noodzaak tot het regelen van vervangende opvang. Gastouderbureaus hebben vaak een achterwachtregeling of noodopvang beschikbaar voor noodsituaties. Echter, wanneer de gastouder ziek is en er geen vervanging kan worden geregeld, vervalt de opvangcapaciteit. De gevolgen hiervan voor de ouder hangen af van het contracttype.
Bij een contract op basis van beschikbare uren is het een aandachtspunt dat de opvang structureel beschikbaar moet zijn om recht te behouden op kinderopvangtoeslag. Als de opvang frequent onbeschikbaar is (bijvoorbeeld door langdurige ziekte), kan dit invloed hebben op de toeslag. Incidentele ziekte (kortdurend) leidt er in de regel toe dat de uren niet worden doorberekend, maar de ouder heeft in die gevallen wel recht op kinderopvangtoeslag over deze uren, mits de uren wel worden betaald. Dit is echter een grijs gebied; de bronnen suggereren dat er geen harde kaders zijn voor kortdurende ziekte, behalve dat de ouder niet betaalt voor uren waarop de opvang niet beschikbaar was, tenzij expliciet anders in het contract is vastgelegd.
Een specifieke regeling geldt voor nanny-opvang. Hier is de nanny vaak wel in loondienst, waardoor bij ziekte van de nanny de afgesproken uren wél worden doorbetaald volgens de specifieke nanny-overeenkomst. Dit verschilt dus wezenlijk van de reguliere gastouderopvang.
Besmettelijke ziekten en hygiënebeleid
Naast de financiële kant is er de gezondheidskant. Bij besmettelijke ziekten hanteert men in principe de regel dat een kind niet naar de gastouder kan komen in verband met besmettingsgevaar voor andere kinderen. Dit beleid is erop gericht de veiligheid van de groep te waarborgen.
De discussie wordt interessanter wanneer de eigen kind(eren) van de gastouder ziek zijn. In de praktijk kan de gastouder besluiten de opvang voort te zetten, met de mededeling dat het eigen kind besmettelijk zou kunnen zijn, maar dat dit nog niet zeker is. Ouders staan hier soms ambivalent tegenover. Enerzijds willen ze het risico op besmetting minimaliseren, anderzijds willen ze de continuïteit van de opvang waarborgen.
In een specifiek voorbeeld uit de bronnen werd een ouder geconfronteerd met het feit dat het zoontje van de gastouder onder de vlekken zat. De gastouder bood aan dat de ouder het kind kon ophalen als ze het eng vonden, maar de vraag ontstond of de ouder in dat geval nog moest betalen. De consensus in de beleidsstukken is dat, ook al wordt de opvang door de ouder geannuleerd vanwege ziekte van het eigen kind van de gastouder, de gereserveerde uren doorbetaald moeten worden. De gastouder heeft immers de kindplaats vrijgehouden en kan deze niet opvullen. De ouder heeft in deze gevallen vaak recht op kort verzuimverlof of calamiteitenverlof om de zorg voor het eigen kind op te vangen, maar de betalingsverplichting aan de gastouder blijft bestaan.
Juridische en praktische kaders voor verlof
Naast ziekte spelen er andere vormen van afwezigheid die financiële gevolgen hebben. De bronnen maken onderscheid tussen structurele en incidentele beschikbaarheid.
Structurele vs. incidentele sluiting
Een gastouder moet structureel beschikbaar zijn om recht op kinderopvangtoeslag te garanderen. Incidentele sluiting, zoals bij kortdurende ziekte of verlof, is toegestaan. Echter, als de opvang structureel niet beschikbaar is (bijvoorbeeld altijd op maandagmiddag gesloten, maar wel factureren), vervalt het recht op toeslag.
Vakanties en feestdagen
Voor feestdagen geldt een uitzonderingssituatie. Ondanks dat de opvang gesloten is, kan contractueel worden vastgelegd dat de ouder een feestdag moet doorbetalen. In deze situatie behoudt de ouder het recht op kinderopvangtoeslag, mits de uren daadwerkelijk betaald worden. Dit is een expliciete afspraak die moet worden vastgelegd.
Verlof en doktersbezoek
Voor ouders is het van belang te weten dat er geen onvoorwaardelijk recht bestaat op doktersbezoek onder werktijd. Wel heeft een ouder recht op calamiteiten- of kort verzuimverlof in specifieke gevallen, zoals bij plotselinge ziekte van het kind of een situatie van overmacht. Dit verlof kan worden gebruikt om het kind op te halen bij de gastouder.
De rol van het gastouderbureau
Gastouderbureaus fungeren als bemiddelaar en bewaker van de kwaliteit en regelgeving. Zij stellen huisregels op waarin de voorwaarden over ziekmelding zijn vastgelegd. Bij tijdige melding van ziekte (zowel van kind als gastouder) denkt de gastouder vaak mee over passende oplossingen. De kernwaarde van de bureaus is "duidelijkheid en eerlijkheid", zodat het belang van zowel ouders als gastouders wordt gewaarborgd.
Echter, de praktijk leert dat niet alle parten zich even strikt aan deze regels houden. In online discussies uiten ouders frustratie over situaties waarin zij het gevoel hebben onredelijk behandeld te worden, zoals bij ziekte van het eigen kind van de gastouder. De juridische werkelijkheid is echter vaak dat de ouder contractueel gebonden is aan de betaling van gereserveerde uren, tenzij het contract specifiek anders voorschrijft.
Conclusie
De financiële verplichtingen bij ziekte in de gastouderopvang zijn grotendeels afhankelijk van het type contract en de specifieke omstandigheden. Bij ziekte van het kind is de ouder in de meeste gevallen de volledige vergoeding verschuldigd, vanwege de inkomenszekerheid voor de gastouder. Bij ziekte van de gastouder vervalt de betalingsplicht voor de ouder, hoewel de ouder wel zelf voor opvang moet zorgen of verlof moet opnemen. Besmettelijke ziekten en ziekte van het eigen kind van de gastouder vallen vaak onder de noemer van doorbetaling van gereserveerde uren, tenzij het contract op werkelijk afgenomen uren is gebaseerd. Het is voor ouders en gastouders essentieel om deze afspraken vooraf schriftelijk vast te leggen om teleurstellingen en conflicten te voorkomen.