In de context van de kinderopvang in Nederland speelt gastouderopvang een significante rol, met name vanwege de flexibiliteit en de huiselijke omgeving die het biedt. Een specifieke vorm hiervan is opvang aan huis, waarbij de gastouder de zorgtaken uitvoert in de woning van het gezin. De financiële implicaties van deze vorm van opvang zijn complex en variëren sterk, afhankelijk van de gekozen constructie, de wet- en regelgeving, en de individuele omstandigheden van het gezin en de gastouder. Dit artikel biedt een gedetailleerd overzicht van de tarieven, de juridische en fiscale aspecten, en de netto-kosten voor ouders, uitsluitend gebaseerd op de verstrekte gegevensbronnen.
Definitie en soorten gastouderopvang
Gastouderopvang kent in de basis twee verschillende varianten die de kostenstructuur bepalen. Het onderscheid is fundamenteel voor het begrijpen van de tarieven. De eerste variant is opvang in het huis van de gastouder. De tweede variant is opvang in het huis van de ouders, oftewel gastouderopvang aan huis. Hoewel beide vallen onder de noemer van gastouderopvang, verschillen ze in organisatie, tariefstelling en de wijze waarop de bemiddeling plaatsvindt.
Opvang bij de gastouder
Bij opvang in de woning van de gastouder is er sprake van een individueel tarief per kind. De gegevens wijzen uit dat dit tarief gemiddeld ligt tussen de € 6,40 en € 8,00 per uur per kind. Andere bronnen noemen een gemiddelde van ongeveer € 8,10 per uur per kind. Deze vorm van opvang is vaak economisch aantrekkelijker omdat de gastouder de eigen omgeving en materialen gebruikt, en meerdere kinderen uit verschillende gezinnen kan opvangen. De kosten voor ouders bestaan hier uit een uurtarief voor de gastouder en bijkomende bureaukosten voor de bemiddelende instantie.
Opvang bij de ouders (Aan huis)
Wanneer de gastouder bij de ouders thuis komt werken, is er vaak sprake van een gezinstarief. Dit houdt in dat er een vast bedrag per uur wordt gerekend, ongeacht het aantal kinderen dat op dat moment thuis is. De tarieven voor deze vorm van opvang liggen significant hoger. De gegevens variëren, maar algemeen wordt gesteld dat de kosten liggen tussen de € 15,00 en € 30,00 per uur. Een specifieke bron noemt een minimum van € 15,50 en een maximum van € 20,00 per uur, afhankelijk van het aantal kinderen en de ervaring van de gastouder. Andere bronnen spreken over een range van € 13,00 tot € 20,00 of zelfs € 15,00 tot € 25,00. De hoogte van dit tarief wordt bepaald door de gastouder zelf, rekening houdend met factoren als opleiding, ervaring en het aantal te verzorgen kinderen.
Juridische constructies: DVAH versus ZZP
De manier waarop een gastouder aan huis wordt aangesteld, heeft directe gevolgen voor de kosten en de verantwoordelijkheden. Er zijn twee hoofdconstructies te onderscheiden: de Regeling dienstverlening aan huis (DVAH) en het werken als zelfstandige (zzp’er).
Dienstverlening aan huis (DVAH)
De Regeling dienstverlening aan huis is een specifieke regeling die het mogelijk maakt om huishoudelijke hulp, waaronder kinderopvang, in te huren zonder dat dit leidt tot een formele arbeidsovereenkomst in de zin van de Werkloosheidswet of Wet WIA. De gegevens geven aan dat deze regeling van toepassing is wanneer de gastouder niet meer dan drie dagen per week werkt. Onder deze regeling zijn ouders geen loonheffingen verschuldigd en is er geen ontslagvergunning nodig.
Echter, de regeling kent ook financiële verplichtingen voor de ouder. Deze verplichtingen bestaan uit: 1. Doorbetaling bij ziekte: De ouder dient de gastouder 70% van het loon door te betalen over de eerste 6 weken van ziekte, met 2 onbetaalde wachtdagen. 2. Doorbetaling bij vakantie: De gastouder heeft recht op doorbetaling tijdens 4 weken vakantie per jaar. 3. Vakantietoeslag: De ouder dient 8% vakantietoeslag te betalen.
Deze extra kosten (vakantie, ziekte en toeslag) worden door bemiddelingsbureaus vaak verwerkt in een hoger uurtarief, zodat de ouder een all-in tarief betaalt en niet voor onverwachte kosten komt te staan. De gegevens suggereren dat het tarief onder DVAH lager kan liggen dan onder een zzp-constructie, maar de totale lasten kunnen vergelijkbaar zijn vanwege de genoemde verplichtingen.
Zelfstandige (ZZP)
Een gastouder kan ook als zelfstandige werken. In dat geval is de ouder geen werkgever en gelden de verplichtingen van de DVAH niet. De ouder is geen extra kosten kwijt voor vakantie of ziekte; dit is de verantwoordelijkheid van de gastouder zelf. De gegevens vermelden dat gastouders die als zzp’er werken vaak een hoger uurtarief hanteren om deze risico’s en kosten (zoals pensioen, verzekeringen en eigen vakantie) te compenseren. De keuze voor DVAH of ZZP hangt dus af van de voorkeur voor risicoverdeling en de hoogte van het bruto-uurtarief.
Kostenopbouw en netto-lasten voor ouders
De totale kosten van kinderopvang aan huis bestaan uit meerdere componenten. Het is cruciaal om onderscheid te maken tussen bruto-kosten en netto-kosten, aangezien de kinderopvangtoeslag een aanzienlijke compensatie biedt.
Bruto-kosten
De bruto-kosten zijn het bedrag dat ouders maandelijks betalen voordat enige toeslag in rekening wordt gebracht. Deze kosten bestaan uit: 1. Vergoeding aan de gastouder: Het afgesproken uurtarief. 2. Bureaukosten: Kosten voor bemiddeling, begeleiding en administratie door het gastouderbureau.
De som van deze twee bedragen vormt de totale factuur die de ouder ontvangt. De hoogte van de bureaukosten verschilt per situatie en per bureau, maar bureaus proberen deze vaak zo laag mogelijk te houden om ze mee te nemen in de berekening voor de kinderopvangtoeslag.
Kinderopvangtoeslag
De kinderopvangtoeslag is een tegemoetkoming van de Belastingdienst. De hoogte ervan is afhankelijk van het inkomen van de ouders, de gezinssamenstelling en het aantal opvanguren. De gegevens vermelden dat er per kind maximaal 230 uur per maand in aanmerking komt voor toeslag.
Een belangrijk aspect is het maximale uurtarief waarover de toeslag wordt berekend. De gegevens vermelden dat de overheid in 2025 toeslag verleent over een maximum uurtarief van € 8,10 per kind per uur. Eerdere jaren vermelden lagere bedragen (zoals € 6,52 in 2022 en € 6,73 in 2023). Dit maximumtarief is van belang, ook bij opvang aan huis. Hoewel de daadwerkelijke kosten voor opvang aan huis vaak ver boven dit maximumtarief liggen (tot € 20,00 of meer), wordt de toeslag berekend over dit maximumbedrag. Dit betekent dat het aandeel van de kosten dat de ouder zelf betaalt (de eigen bijdrage) bij opvang aan huis relatief hoog is in vergelijking met opvang bij de gastouder thuis, waar de tarieven vaak dichter bij het maximumtarief liggen.
De gegevens geven aan dat de overheid tot maximaal 96% van de gemaakte kosten kan vergoeden, afhankelijk van het inkomen. Dit percentage is echter gebaseerd op het maximale uurtarief en de totale kosten. Ouders met hogere inkomens krijgen een lager percentage vergoed.
Nettokosten en ouderbijdrage
De netto kosten, oftewel de ouderbijdrage, wordt berekend door de ontvangen kinderopvangtoeslag af te trekken van de totale bruto-kosten. De gegevens benadrukken dat het verstandig is om een proefberekening te maken op de site van de Belastingdienst om een inschatting te krijgen van de netto lasten.
Een analyse van de gegevens laat zien dat voor één kind in de opvang de netto kosten gemiddeld neerkomen op een bedrag dat overeenkomt met ongeveer 38% van de bruto-kosten (gebaseerd op de verhouding: kosten € 6.130, vergoeding 62%). Bij twee kinderen is dit ongeveer 34% (kosten € 11.760, vergoeding bijna 66%). Hoewel deze cijfers betrekking hebben op algemene opvangkosten (niet specifiek opvang aan huis), illustreren ze het belang van de toeslag voor de uiteindelijke lastendruk.
Factoren die de tarieven beïnvloeden
De tarieven voor gastouders zijn niet statisch. Verschillende variabelen spelen een rol bij de vaststelling van het uurloon.
Gastouderfactoren
- Opleiding en ervaring: Een gastouder met een relevante opleiding en jarenlange ervaring kan een hoger tarief rechtvaardigen. De gegevens vermelden dat het gemiddelde uurtarief voor een gastouder vaak rond de € 13,50 ligt, met een range van € 10,00 tot € 18,00. Dit lijkt te verwijzen naar de inkomensverwachting van de gastouder, wat vaak correspondeert met de tarieven voor opvang aan huis.
- Aantal kinderen: Bij opvang aan huis wordt vaak een gezinstarief gerekend, wat betekent dat het tarief niet per kind toeneemt. Bij opvang bij de gastouder thuis neemt de opbrengst per kind toe. Echter, bij nanny-opvang aan huis kan het tarief variëren op basis van het aantal kinderen, hoewel de gegevens hier wisselend over zijn (soms onafhankelijk van het aantal, soms afhankelijk).
Kindfactoren
- Leeftijd: Hoewel niet expliciet gedetailleerd in de tarieven voor aan huis, vermelden de gegevens dat de ervaring van de gastouder en de leeftijd van de kinderen factoren zijn die de prijs beïnvloeden.
- Tijdstip: Er is onderscheid tussen een dagtarief en een avondtarief. Een avondtarief ligt doorgaans lager, omdat de kinderen vaak (gedeeltelijk) op bed liggen en de zorgintensiteit lager is.
Vergelijking met andere opvangvormen
De gegevens geven aan dat gastouderopvang over het algemeen 20 tot 30 procent goedkoper is dan opvang in een kinderdagverblijf of buitenschoolse opvang (BSO). Deze kostenbesparing is een belangrijk argument voor ouders om te kiezen voor een gastouder. De huiselijke omgeving en de kleinere groepsgrootte worden daarnaast als positieve aspecten genoemd. Echter, er zijn ook nadelen verbonden aan gastouderopvang, zoals het feit dat er minder kinderen zijn (minder speelkameraadjes) en dat de gastouder vaak alleen werkt, waardoor het vier-ogen-principe niet standaard wordt gewaarborgd.
Risico's en onzekerheden
Bij de beoordeling van de betrouwbaarheid van de gegevens moeten enkele kanttekeningen worden geplaatst. De gegevensbronnen vermelden tarieven en regelingen, maar er zijn discrepanties in de genoemde bedragen. Zo varieert het genoemde gemiddelde tarief voor gastouderopvang bij de gastouder thuis van € 6,40 tot € 8,00, maar ook € 8,10. Voor opvang aan huis lopen de schattingen uiteen van € 13,00 tot € 30,00. Deze variatie is waarschijnlijk te verklaren door de diversiteit aan constructies (DVAH vs. ZZP) en de specifieke marktomstandigheden.
Daarnaast vermelden de gegevens dat de kinderopvangtoeslag en maximale uurtarieven jaarlijks kunnen wijzigen. De vermelde bedragen voor 2025 (€ 8,10) zijn een prognose op basis van de huidige informatie. Gebruikers van deze informatie dienen zich te realiseren dat deze bedragen in de toekomst kunnen afwijken. De gegevens zijn afkomstig van bemiddelingsbureaus en informatieve websites, wat inhoudt dat de informatie primair bedoeld is voor oriëntatie. Voor definitieve berekeningen en juridische verplichtingen is raadpleging van de Belastingdienst en formele contracten noodzakelijk.
Conclusie
De kosten voor gastouderopvang aan huis zijn significant hoger in bruto-zin dan opvang bij de gastouder thuis, met tarieven die doorgaans variëren van € 15,00 tot € 30,00 per uur. Deze hoge tarieven worden veroorzaakt door de persoonlijke aandacht, de reistijd, en de specifieke juridische constructies zoals de Regeling dienstverlening aan huis (DVAH), die extra verplichtingen met zich meebrengt voor de ouder (zoals loondoorbetaling bij ziekte en vakantie).
Ondanks de hoge bruto-kosten kan gastouderopvang aan huis, net als andere vormen van gastouderopvang, in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag. De toeslag wordt berekend over een maximum uurtarief (in 2025: € 8,10 per kind per uur), ongeacht de daadwerkelijke kosten. Dit betekent dat de netto-kosten voor ouders sterk afhankelijk zijn van hun inkomen en het aantal kinderen. De gegevens suggereren dat de uiteindelijke ouderbijdrage aanzienlijk kan zijn, maar dat de overheid een groot deel van de kosten kan vergoeden.
Bij de keuze voor een gastouder aan huis dienen ouders zorgvuldig af te wegen of zij kiezen voor een constructie onder de DVAH (met meer verplichtingen maar mogelijk een lager basistarief) of als opdrachtgever van een zzp’er (met een hoger tarief maar minder administratieve lasten en risico’s). De keuze hangt af van de gewenste zekerheid en de financiële ruimte. De gegevens bieden een duidelijk beeld van de variabelen, maar benadrukken ook de noodzaak voor individuele berekeningen om de werkelijke netto-lasten in te schatten.