Ziektebeleid en financiële regelingen in de gastouderopvang: Protocollen, verantwoordelijkheden en draagkracht

De gastouderopvang biedt een unieke en flexibele vorm van kinderopvang, vaak gekenmerkt door een persoonlijke band tussen gastouder, kind en ouder. Echter, net als in elke vorm van opvang, kunnen ziekte en medische noodsituaties de continuïteit en veiligheid bedreigen. Het is daarom van cruciaal belang dat alle betrokken partijen—ouders, gastouders en bemiddelingsbureaus—goed op de hoogte zijn van de protocollen, financiële consequenties en wettelijke kaders rondom ziekte. Dit artikel biedt een gedetailleerd overzicht van de beleidsmaatregelen en richtlijnen die binnen de gastouderopvang worden gehanteerd, gebaseerd op bestaande protocoldocumenten.

Definitie van ziekte en besmettelijkheid

Een fundamentele vraag in de opvang is wanneer een kind daadwerkelijk als "ziek" wordt beschouwd en daarom niet in de opvang kan worden toegelaten. De criteria hiervoor zijn specifiek en gericht op het voorkomen van besmetting en het waarborgen van de gezondheid van het kind en de omgeving.

Medische criteria voor ziekte

Volgens de richtlijnen zijn er duidelijke signalen die duiden op ziekte. Een kind wordt als ziek beschouwd wanneer: - De lichaamstemperatuur boven de 39 graden Celsius is. - Er sprake is van een besmettelijke ziekte. - Het kind 1-op-1 aandacht van de gastouder nodig heeft, wat impliceert dat het niet kan deelnemen aan de groepsactiviteiten.

Er is echter een nuance aanwezig met betrekking tot koorts. De beleving van koorts is zeer kindafhankelijk. Sommige kinderen voelen zich al niet lekker bij een temperatuur van 38 graden, terwijl anderen bij 39 graden nog actief kunnen spelen. Daarnaast hebben sommige kinderen vaak verhoging zonder dat dit direct tot ziekteverzuim leidt, terwijl andere kinderen nooit koorts hebben. Ondanks deze variaties is de bovengrens van 39 graden een harde grens in de meeste protocollen.

Besmettelijke aandoeningen

Voor besmettelijke ziekten gelden strikte toelatingsregels om de veiligheid van het gastoudergezin en andere opvangkinderen te garanderen. Kinderen met de volgende aandoeningen worden niet toegelaten tot de opvang: - Waterpokken: Totdat de blaasjes volledig zijn ingedroogd. Besmetting vindt plaats vóór het ontstaan van de blaasjes en via het vocht eruit. Omdat kinderen zich niet bewust zijn van het besmettingsgevaar, is isolatie noodzakelijk totdat er geen open plekken meer zijn. - Krentenbaard (impetigo): Tenzij de plekken goed afgedekt kunnen worden met steriel gaas en kleding. - Hoofdluis: Totdat de hoofdluis volledig is verdwenen. Als een broertje of zusje hoofdluis heeft, moeten de ouders de gastouder hiervan op de hoogte brengen. - Ernstige diarree en veelvuldig braken. - Kinkhoest, mazelen, rode hond, roodvonk. - Bof. - RS-virus. - Hersenvliesontsteking. - Geelzucht.

Deze lijst is limitatief en andere besmettelijke ziekten die risico’s opleveren voor anderen vallen hier ook onder.

Protocollen bij ziekte van het kind

Wanneer een kind ziek wordt, zijn er protocollen die zowel door de ouders als de gastouder gevolgd moeten worden. Deze protocollen zijn erop gericht om de opvang zo soepel mogelijk te laten verlopen en de gezondheid te beschermen.

Ziekte tijdens de opvang

Als een kind tijdens de opvang duidelijk merkbaar ziek wordt, is de gastouder verplicht direct actie te ondernemen. - De gastouder neemt onmiddellijk contact op met de ouders of verzorgers als er medische hulp nodig is (zoals een bezoek aan de huisarts) of als het kind te ziek is om bij de gastouder te blijven. - Bij twijfel geldt altijd: neem contact op met de ouders. De gezondheid van het kind staat voorop en er wordt geen risico genomen. - In het dagschrift worden de symptomen, temperatuur, datum en tijdstip genoteerd. Dit biedt een objectief overzicht voor de ouders en eventuele vervolgstappen.

Ziekte voorafgaand aan de opvang

Als een kind ziek wordt voordat de opvang begint, verwachten de protocollen het volgende: - De ouder belt de gastouder om de situatie te bespreken. - De gastouder belt de bemiddelingsmedewerkster om melding te doen van de ziekte. - Er vindt overleg plaats over de noodzaak van opvang. In veel gevallen zal het kind thuisblijven, maar er kan ook worden besloten tot noodopvang.

Medicatiebeleid

Voor kinderen met een medische indicatie of die tijdelijk medicatie nodig hebben, gelden aanvullende regels. - De voorkeur gaat uit naar het toedienen van medicijnen thuis door de ouders. - Indien nodig kan de gastouder medicijnen toedienen, maar dit vereist een specifieke overeenkomst. Voor de opvang van kinderen met een "medische indicatie" (een ziekte die dreigend kan zijn) dient een aanvullende overeenkomst Wet BIG te worden getekend. - Risicovolle medische handelingen, zoals injecties bij suikerziekte, het aanbrengen van klysma’s of sondes, worden door de gastouder in principe niet uitgevoerd. Hiervoor moeten afspraken worden gemaakt met thuiszorg of de ouders moeten deze handelingen zelf uitvoeren. - De gastouder ontvangt aanwijzingen van een arts over de uitvoering, observatie en het handelen bij verschijnselen. Deze afspraken moeten schriftelijk worden vastgelegd. - De Wet BIG is van toepassing op beroepsmatige handelingen. In noodsituaties geldt echter dat iedereen gehouden is naar beste vermogen te handelen.

Financiële consequenties van ziekte

Ziekte heeft niet alleen impact op de gezondheid, maar ook op de financiële situatie van de betrokkenen. De financiële regelingen verschillen aanzienlijk tussen de verschillende rollen: de ouder, de gastouder en de nanny.

Ziek kind

Wanneer een kind ziek is, worden de gereserveerde opvanguren doorbetaald. Dit beleid is erop gebaseerd dat de gastouder de kindplaats heeft vrijgehouden en deze niet kan opvullen met een ander kind. Omdat de gastouder niet in loondienst is, vormen de gereserveerde uren haar inkomen. De eerste dagen van ziekte worden doorbetaald; na 7 aaneengesloten dagen kan er verrekening plaatsvinden in opdracht van de ouder.

Zieke gastouder

De financiële positie van de gastouder bij ziekte verschilt fundamenteel van die van werknemers in loondienst. - Wanneer de gastouder ziek is, worden de opvanguren niet doorberekend aan de ouders. De gastouder heeft geen recht op loondoorbetaling. - Het ziekteverzuim bij gastouders is in de praktijk erg laag. De reden hiervoor is dat zij geen financiële vangnet hebben via doorbetaling, waardoor ze vaak zo lang mogelijk opvang blijven bieden, soms ten koste van hun eigen gezondheid. - Indien de gastouder langdurig ziek is, vallen de inkomsten direct of na zes weken weg. Om dit op te vangen, worden verschillende vangnetten aanbevolen, zoals een arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV), een vrijwillige ziektewet- en/of WIA-verzekering, een broodfonds of het zelf opvangen van het risico.

Nanny-opvang

Bij nanny-opvang geldt een andere regeling. Hier wordt bij ziekte van de nanny de afgesproken uren wel doorbetaald. De specifieke afspraken hiervoor staan in de nanny-overeenkomst.

Zieke ouder

Als de ouder (vraagouder) ziek is, verloopt de communicatie via de gastouder. De ouder belt de gastouder om te overleggen over eventuele noodopvang bij een andere gastouder. De bemiddelingsmedewerkster kan hierbij helpen.

Medische noodsituaties en Wet BIG

De Wet BIG (Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg) speelt een belangrijke rol bij de afbakening van verantwoordelijkheden. De wet is van toepassing op medische handelingen die beroepsmatig worden verricht. Dit betekent dat gastouders in principe geen voorbehouden handelingen mogen uitvoeren, tenzij er een specifieke overeenkomst is.

Aansprakelijkheid en autorisatie

Voor de opvang van kinderen met complexe medische behoeften is een aanvullende overeenkomst vereist. Hierin moeten de volgende punten expliciet zijn geregeld: - De financiering van de aanvullende zorg. - De aansprakelijkheden van het gastouderbureau en de gastouder. - Toestemming van de ouders voor specifieke medische handelingen. - Een "autorisatieformulier" waaruit de toestemming van een arts en de bekwaamheid en bereidheid van de gastouder blijken.

De arts geeft aanwijzingen over de wijze van uitvoering, observatie na de handeling en instructies voor het handelen bij bepaalde verschijnselen. Deze afspraken dienen schriftelijk te worden vastgelegd.

Noodsituaties

In een noodsituatie verandert de juridische context. Een noodsituatie doet zich voor wanneer iemand direct medische hulp nodig heeft, bijvoorbeeld bij stikken of een ongeluk. In dergelijke gevallen geldt dat iedereen wordt geacht naar zijn/haar beste vermogen te handelen. Het verrichten van voorbehouden handelingen kan in strijd met de Wet BIG zijn, maar wordt in het kader van "overmacht" en levensreddend optreden niet als strafbaar feit beschouwd. De gastouder moet in staat zijn te handelen conform het protocol en bij twijfel altijd een arts inschakelen.

De rol van het gastouderbureau

Het gastouderbureau fungeert als bemiddelaar en bewaker van de kwaliteit en veiligheid. Zij bepalen uiteindelijk of opvang bij een gastouder praktisch uitvoerbaar is of blijft, vooral wanneer er sprake is van medische indicaties of langdurige ziekte. Het bureau zorgt voor de benodigde overeenkomsten en ondersteunt bij het zoeken naar oplossingen, zoals het regelen van noodopvang.

Bij het vaststellen van het beleid hanteren bureaus als Gastouderbureau NL, Gastouderburo Zowiezo en Viaviela de volgende principes: - Duidelijkheid en eerlijkheid: Door heldere afspraken over doorbetaling en verzuim wordt het belang van ouders en gastouders gewaarborgd. - Veiligheid: Er wordt geen risico genomen met de gezondheid van het kind. - Ondersteuning: Bij ziekte of noodsituaties denkt de gastouder graag mee over passende oplossingen, en het bureau biedt ondersteuning bij het vinden van vervanging of het treffen van financiële regelingen.

Conclusie

Ziekte in de gastouderopvang is een complex onderwerp dat raakt aan gezondheid, financiën en wetgeving. De protocollen bieden een kader om hiermee om te gaan, maar vereisen actieve betrokkenheid van alle partijen. Voor ouders betekent dit dat zij tijdig moeten communiceren over ziekte en specifiele medische behoeften. Voor gastouders is het essentieel om op de hoogte te zijn van de financiële risico's van ziekte en de noodzaak van een eigen vangnet, zoals een AOV. Tegelijkertijd benadrukken de protocollen de verantwoordelijkheid van de gastouder om te handelen volgens de richtlijnen en in noodsituaties adequate hulp te verlenen. Door het strikt volgen van de protocollen rondom besmettelijkheid, medicatie en financiële afwikkeling, kan de gastouderopvang veilig en betrouwbaar blijven, ook in tijden van ziekte.

Bronnen

  1. Betaal ik door bij ziekte
  2. Protocol ziekte en medicijnen gastouderopvang
  3. Ziekte en zwangerschap
  4. Protocol zieke kinderen

Gerelateerde berichten